De Voedselzandloper - K. Verburgh (samenvatting)

In de voedselzandloper rekent Kris Verburgh af met een aantal voedingsmythen en wetenschappelijk slecht onderbouwde voedselweetjes. Op basis van alleen betrouwbaar wetenschappelijk onderzoek en zijn kennis en kunde op het gebied van verouderen biedt Verburgh een voedselmodel aan dat de voedsel piramide en de schijf van vijf vervangt. Deze voedselzandloper beschrijft niet alleen dingen die je wel zou moeten eten, maar ook wat je zou moeten laten staan.
In dit artikel worden de drie Macronutrienten (Koolhydraten, Eiwitten en Vetten) en hun uitwerking op het menselijk lichaam beschreven.

 

De voedselzandloper bestaat uit vijf gedeelten. In het eerste en tweede gedeelte rekent Verburgh af met de traditionele schijf van vijf en de voedselpiramide. Er zijn al een aantal jaar wetenschappelijke onderzoeken die aantoonden dat deze modellen over gezond eten achterhaald zijn, echter lijkt een sterke lobby van de meld- en vleesindustrie een verspreiding van de waarheid over voedsel te vertragen. In het derde gedeelte beschrijft Verburgh drie basisprincipes over voedsel. Suikers (Koolhydraten) zijn zeer ongezond, de schaduwzijde van Proteïne (eiwitten), en de gezonde eigenschappen van vetten. Om te bepalen wanneer iets gezond is kijkt Verburgh naar de invloed van voedsel op het verouderingsproces. Er zijn verschillende aandoeningen waar mensen mee te maken krijgen wanneer zij ouder worden, problemen met hart- en bloedvaten, hersenbloedingen, kankers, maar ook rimpels.

 

Het eerste principe beschrijft de slechte invloed van KOOLHYDRATEN op het verouderingsproces. Verburgh beschrijft het verband tussen het innemen van glucose en het groeien van weefsel.
Glucose zorgt voor de aanmaak van insuline, wat op zijn beurt het groeihormoon IGF (Insuline-like Growth Factor) doet stijgen, wat groei van weefsel stimuleert. Er zijn verschillende soorten suikers die de pieken en dalen van insuline en IGF regelen. Zo leiden snelle suikers (tafelsuiker) tot snelle opname in het bloed en daarmee tot hoge IGF pieken. Tragere suikers, zoals volkoren, zorgen voor een meer geleidelijke opname van de glucose in het bloed, waardoor de insuline pieken minder hoog zijn en daarmee het IGF minder doet stijgen.
Op de korte termijn leidt het eten van veel koolhydraten (voor het sporten) tot een ogenschijnlijk mooier uiterlijk met meer spiermassa en een strakkere huid. In de praktijk echter leidt het eten van veel koolhydraten er toe dat je lichaam meer overuren draait om alle glucose af te voeren, wat op de lange termijn leidt tot snellere veroudering van het lichaam.
Glucose moleculen verbinden zich met eiwitten (Cross-Links) wat de moleculen stijver maakt. Meer stijve molecule in het bloed maakt de aderen stijver en daardoor meer breekbaar, en verhoogd de bloeddruk. Breekbare bloedvaten leiden tot een verhoogde kans op beroertes en hersenbloedingen (scheurende bloedvaten). De invloed van glucose op het groeihormoon IGF heeft ook wetenschappelijke link met de groei van kankerweefsel.
In een onderzoek met muizen waar kankercellen werden ingespoten en een dieet met verschillende suikergehaltes kregen overleden de muizen met een suikerrijk dieet 13 keer vaker dan muizen met een suikerarm dieet.
Verburgh wijst de lezer erop, dat de meeste mensen de belangrijkste en grootste bron van koolhydraten uit ons westerse dieet over het hoofd zien: het eten van pasta’s, brood en aardappelen. Wat tot slot niet vergeten moet worden, is dat we koolhydraten ook nodig hebben. Het volledig uitbannen van koolhydraten is daarmee wellicht een gemakkelijke manier om af te vallen, voor de gezondheid is het niet aan te bevelen.

 

Het tweede principe beschrijft de functie en eigenschappen van EIWITTEN, of proteïne. Alle functies van het lichaam worden uitgevoerd door proteïne. Het lichaam is in staat om versleten proteïne op te ruimen, maar slechts tot zekere hoogte. Ophopingen van samenklittende proteïne leiden uiteindelijk tot verstikking van cellen, wat onder anderen tot Alzheimer kan leiden. Deze samenklittende proteïnes zijn ook de reden dat de meeste 100 plussers sterven. Nadat deze mensen kankers en hart- en vaatziekte overwonnen hebben, worden organen broos en zwak doordat proteïnes neerslaan rond organen en bloedvaten. Mensen hebben zeker proteïnes nodig, maar een overvloed van proteïne leidt tot snellere groei en snellere veroudering.
Ook qua proteïne diëten zijn er verschillende onderzoeken met muizen gedaan. Muizen die een dieet van 51% eiwitten aten (in vergelijking met 10% van de voedselinname) hadden 4 keer meer kans op kanker en 2 keer zoveel kans op nierziekten en prostaatproblemen. Ook onder mensen zijn een aantal statistieken betreft het eten van veel proteïne (vlees) en het ontstaan van ziekten.
In een onderzoek van 91.000 vrouwen bleek dat vrouwen die elke dag vlees aten 2 keer meer kans op borstkanker hadden dan vrouwen die 3 keer of minder per week vlees aten. Aan de andere kant kan het vertragen van de eiwitproductie in het lichaam de levensduur verlengen. In 2009 waren wetenschappers instaat om de gemiddelde levensduur van muizen met 28% voor mannetjes en 38% voor vrouwtjes muizen te verlengen door ze op een proteïne arm dieet te zetten.

 

Dan de VETTEN. Als binnenkomer: een meta-analyse met 350.000 mensen toont aan dat verzadigde vetten geen belangrijke rol spelen bij het ontstaan van hart- en vaatziekten. Desalniettemin zijn er gezonde en ongezonde vetten. Verburgh onderscheid drie soorten: heel ongezonde vetten (1), de minder gezonde vetten (2) en gezonde vetten (3).
Transvetten zijn het meest ongezond. Onnatuurlijke vetten gebruikt in de voedselindustrie en gefrituurde producten. Omdat ze niet natuurlijk zijn kan ons lichaam deze vetten moeilijk verwerken.
Minder gezonde vetten zijn verzadigde vetten (vetrijk vlees, melk, kaas) en omega 6 vetzuren (vlees, plantaardige oliën). Vetmoleculen bestaan uit Koolstof atomen en waterstof atomen. Verzadigd betekent dat alle koolstof atomen verbonden zijn met waterstof atomen. Hierdoor is het molecuul kaarsrecht waardoor ze gemakkelijk tegen elkaar kunnen liggen en samenklitten. Deze samen geklitte vetmoleculen kunnen overal in het lichaam blokkades en ontstekingen veroorzaken.
Goede vetten zijn de onverzadigde vetten (olijfolie, omega-3 houdende producten). Naast een dubbele binding tussen koolstofatomen zijn in deze moleculen zijn niet alle koolstof atomen verbonden met een waterstof atoom, waardoor een knik ontstaat. Geknikte moleculen kunnen minder makkelijk tegen elkaar aan liggen en veroorzaken daarom geen opstoppingen en ontstekingen. Voornamelijk omega-3 (vette vis, noten) is een belangrijk vetzuur voor het lichaam: onderzoek onder 32.000 personen toont aan dat omega 3 vetzuren het aantal cardiovasculaire accidenten met 19-45% verminderd. Bij een onderzoek onder 11.000 mensen bleek de sterfte aan cardiovasculaire accidenten met 45% te dalen bij mensen die omega 3 vetzuren slikten. Een derde onderzoek; onder 22.000 mensen die 17 jaar gevolgd zijn bleken mensen met veel omega-3 vetzuren in het bloed 80% minder kans op een hartaanval te hebben. Daarnaast heeft omega-3 een grote invloed op het brein. Vis etende culturen kennen een factor 60 minder depressies onder de bevolking. Ook leiden hoge gehaltes omega-3 tot 50% minder kans op dementie bij ouderen. Daarnaast tonen onderzoeken aan dat Omega-3 vetten ontstekingen en daarmee klachten verminderen bij immuunziekten (reuma, astma, ziekte van Crohn).

 

Verburgh creëerde op basis van deze drie basisprincipes een nieuw VOEDSELMODEL; de voedingszandloper bestaande uit zeven treden. Zo beschrijft hij om alleen volkoren brood en pasta’s te eten (langzamere glucose) als aanvulling op groente en fruit (en niet andersom- groente als aanvulling op de pasta). Ook kleine hoeveelheden wit vlees (kip) en vette vis worden aangeraden voor de benodigde eiwitten en omega-3 zuren. Als tussendoortjes zijn zwarte chocolade, noten en sojayoghurt de beste keuzes. Verburgh is ook een voorstander voor bepaalde voedingssupplementen (magnesium, jodium, selenium en vitamine D). 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De voedselzandloper is overigens gebaseerd op de door Harvard gepubliceerde nieuwe voedselpiramide.

Ga verder naar:

Het Omnivores Dilemma - M.Pollan

 

BRON:

Verburgh, K, 2012, De Voedselzandloper - Over Afvallen en Langer Jong Blijven, Amsterdam: Uitgeverij Bert Bakker

Categorie: 
Go to top